vrijdag 7 september 2012

Uit de euforie, in de stilte

Het is nacht buiten Krakau. Enkele mannen gaan te voet naar het nabijgelegen Benedictijner klooster. Het zijn de Italiaanse bondscoach Cesare Prandelli en zijn assistenten. De avond ervoor, maandag 18 juni 2012, heeft Italië zich dankzij een 2-0 zege op Ierland geplaatst voor de kwartfinales van het EK voetbal.
Een succes verbonden met een belofte. Voor het toernooi bezocht de Italiaanse selectie namelijk het klooster, in de buurt van het trainingskamp. Een ervaring die indruk maakte op Prandelli, zelf een gelovig man. Hij vertelde de monniken: 'Als we de voorronde overleven, komen we te voet naar jullie toe.' De nachtelijke pelgrimage van het trainingskamp naar het klooster was het gevolg. Een tocht van twintig kilometer, die drieëneenhalf uur zal duren.
Opmerkelijk. Maar Prandelli is dan ook een opmerkelijk man. In de dagen voor het EK werd het Italiaanse clubvoetbal hevig geplaagd door een omkoopschandaal. 'Als men vindt dat we in het belang van het voetbal niet moeten meedoen, dan accepteer ik dat', verklaarde hij. Het besef van een groter belang woog zwaarder dan het streven naar roem. En dat zie je niet vaak in het hedendaagse topvoetbal.
Succes is niet alles, dat weet Prandelli maar al te goed. In 2004 tekende hij een contract als trainer bij het grote AS Roma: een prima carrièrestap. Maar kort daarna leverde hij zijn contract weer in. Hij wilde meer tijd hebben om zijn ernstig zieke vrouw bij te staan. Helaas overleed ze in 2007.
Ongetwijfeld denkt hij aan haar, terwijl hij in de nacht buiten Krakau loopt. Het feest na de 2-0 laat hij achter zich. Hij loopt door. Uit de euforie, in de stilte. De stilte van de nacht, de stilte van het klooster.

vrijdag 10 augustus 2012

Een zomernacht

Hitte houdt mij weg van slaap
en denken houdt mij weg van dromen.
Vier uur 's nachts en ik wil buiten zijn.


Een toevlucht dan tot mijn terras
met bank en uitzicht op de nacht.
De bomen werpen schaduwen
en vangen 't ruisen van de wind
voor het schijnsel van de buitenlamp.
Hierboven sterren voor de slapelozen.


Ik houd mijn handen om een beker:
cafeïne wist de drang naar slaap uit,
maar niet de wil om stil te dromen,
niet de wil om stil te worden.


Langzaam trekt het duister weg
en elke ster verdwijnt in 't blauw.
Het daglicht komt, bewaar je droom.



'Een zomernacht' schreef ik in de zomer van 1998. Ik woonde toen boven een winkelpand in een kamer met plat dak. Erg warm dus, ook 's nachts, vandaar dit gedicht.
Dit is trouwens niet de originele versie van 'Een zomernacht': die had onder meer een andere regelvolgorde en telde vier extra regels. Schrijven is schrappen, zo blijkt maar weer.

maandag 2 juli 2012

Bert van Marwijk

Bert van Marwijk draaide zich nog eens om, maar slapen lukte niet. Liever keek hij niet naar de wekkerradio op zijn nachtkastje. En toch trokken de cijfers op de display weer zijn aandacht: 2.35. Vijf over half drie.
Alsmaar dacht hij aan het EK, dat al zo snel voorbij was. Aan de drie nederlagen. Aan het gezeur van spelers die niet in de basis stonden. Aan het gezeur van spelers die er wel in stonden. Aan de hulpeloze blik van Wesley Sneijder tijdens het duel tegen Duitsland.
Twee jaar terug was alles zo anders. De zegetocht in Zuid-Afrika, die pas in de finale ten einde kwam. Met Sneijder als leider die zich op beslissende momenten liet gelden. Sneijder als leider van een hecht team, een eenheid.
Die eenheid was nu ver te zoeken. Ja, Wesley had nog zijn best gedaan 'm terug te krijgen. Net als Mark. Schoonzoon Mark. Het deed Bert pijn hoe sommige spelers over hem hadden gepraat. Ach, al dat gekonkel in de groep, wat viel er nog aan toe te voegen? De media hadden er al genoeg over gezegd en geschreven.
Bert van Marwijk keek weer naar de wekkerradio: het was nu 2 uur 51. Slapen zat er voorlopig niet in. Maar, een ding wist hij, na dagen en nachten vol gepieker: met Oranje ging hij stoppen. Zachtjes stapte hij uit bed; zijn vrouw moest niet wakker worden.

vrijdag 15 juni 2012

Memoires om naar uit te kijken

Als liefhebber van lezen en muziek heb ik wat om naar uit te kijken. Nog dit jaar verschijnen de memoires van (Waterboys-zanger) Mike Scott en Neil Young. In augustus komt Adventures of a Waterboy van Scott uit, terwijl Youngs Waging Heavy Peace twee maanden later te koop is.
Ik verwacht er veel van. Beide artiesten bewonder ik niet alleen om hun muziek, maar ook om hun persoonlijkheid. Ze zijn eigenzinnig, joegen nooit het grote geld na en gingen goed om met tegenslagen.
Young had in 1972 groot succes met zijn album Harvest; de song 'Heart of Gold' werd zelfs een wereldhit. Maar de Canadees voelde zich niet goed bij dat commerciële succes. Daaropvolgend maakte hij minder toegankelijke platen als On the Beach en Tonight's the Night. Eigenzinnigheid ten top van een man die handelt op basis van zijn intuïtie.
En dat kan ook van Mike Scott worden gezegd. In 1985 maakten The Waterboys naam met This Is the Sea en single 'The Whole of the Moon'. Een doorbraak in de sporen van U2 lonkte, maar de Schot voelde zich in een hoek gedreven. Hij ging een andere richting op: die van de folk-rock. Weg megadoorbraak, maar Scott was weer vrij.
Tegelijkertijd – in de jaren tachtig - was de carrière van Neil Young in een grillige fase beland. Per plaat wisselde hij extreem van stijl: gitaarrock, computermuziek, rockabilly, country en gladde hard-rock. Zijn platenmaatschappij Geffen was er er allesbehalve blij mee. Young leek de weg kwijt, maar kwam in 1989 sterk terug met Freedom. Sindsdien maakt hij met regelmaat albums van hoog niveau, zoals Sleeps with Angels (1994), Silver and Gold (2000), Prairie Wind (2005) en Le Noise (2010).
Voor Scott waren de jaren negentig juist wat zorgelijk. Na het uiteenvallen van The Waterboys ging hij in 1995 onder eigen naam verder. Zijn twee solo-albums waren artistiek zeer geslaagd, maar brachten commercieel het tegendeel. Hij raakte flink in de schulden en kon haast weer van voor af aan beginnen. Wat hij met verve deed. In 2000 volgde een doorstart van The Waterboys met het gedreven A Rock in the Weary Land. Het bleek de opmaat voor een nieuwe bloeiperiode van de band. Een bloei die nog steeds voortduurt: zo kreeg het vorig jaar verschenen An Appointment with Mr. Yeats terecht lovende recensies.
Al het bovenstaande is natuurlijk het topje van de ijsberg. Want wat vertellen Scott en Young in hun memoires zelf over hun creatieve keuzes en bijvoorbeeld over hun jeugd en privéleven? Nog even wachten en dan weten we het.
O ja, en over hun schrijfkwaliteiten hoeven we niet in te zitten. Beide kennen we van hun prima, vaak poëtische, songteksten. Mike Scott publiceerde eerder al boeiende blogs op de site van zijn band. En Neil Young? Diens vader was sportjournalist, dus schrijven zit hem vast ingebakken.

dinsdag 22 mei 2012

Bob Dylan 71

Donderdag 24 mei wordt Bob Dylan, de legendarische singer-songwriter, 71 jaar. Ter gelegenheid hiervan mijn stukje over 'Not Dark Yet', de song waarmee mijn fascinatie voor Dylan in een stroomversnelling kwam.

Een vrijdag in maart 1998. De middag liep ten einde. Ik keek uit het raam van mijn kamer boven De Kruidenhof. Het schemerde. De lantaarns in de winkelstraat waren aangegaan. Samen met de verlichte etalages vormden ze de voorboden van koopavond.
Ik liep naar de tv en zappte wat. Op Nederland 3 was net een VARA-programma afgelopen. Het volgende programma liet nog op zich wachten. De pauze werd gevuld met een muziekclip. 'Bob Dylan, Not Dark Yet' stond in beeld te lezen.
De eerste klanken verrasten me. Hoge gitaartonen, een traag ritme en dat in een dromerig-melancholieke sfeer. Bob Dylan op een podium met band. Hij begon te zingen:
Shadows are falling and I've been here all day
It’s too hot to sleep, time is running away
Ik ving nog meer flarden tekst op. Dylan zong iets van een aardige brief die hij van een vrouw ontving. Maar het deerde hem niet.
I just don't see why I should even care
It's not dark yet, but it's getting there
Wat was hier aan de hand? De zanger leed, dat zeker. Hij zong van een wereld vol leugens en een last die hem soms te zwaar werd. En één ding was duidelijk: het duister naderde in een traag voortslepend ritme.
Sobere teksten, recht voor z'n raap: I was born here and I'll die here against my will. Ze vielen wonderlijk samen met de dromerige klanken.
Na afloop zette ik de tv uit; ik moest even bijkomen. Dankbaar was ik. Dankbaar dat ik door zo'n mooie song was verrast. Bob Dylan: ik had weleens van hem gehoord, maar nu kon ik echt niet meer om hem heen.

zondag 29 april 2012

Gabriel

Als ik aan engelen denk, schieten me meteen heel wat liedjes te binnen. Vaak zijn het van die zoetsappige liefdesliedjes waarin een zanger zijn geliefde als een engel ziet. Maar gelukkig, er zijn toch ook uitzonderingen. Liedjes die je verrassen, haast onverwacht tot je komen. Ik zou haast zeggen: zoals het een engel betaamt.
Eind 2002 zat ik in het Utrechtse Vredenburg bij een concert van de Ierse zanger Luka Bloom. Hij bracht halverwege het concert een nieuwe song, getiteld 'Gabriel'.
Bij de eerste klanken viel de zaal compleet stil. Als ik de song nu weer beluister, voel ik die stilte weer. Want ik hoor een breekbaar lied, geboren uit kwetsbaarheid, overgave, maar ook vertrouwen. Vertrouwen op een engel.
De zanger roept Gabriel aan: 'Verlaat me nooit, blijf bij mij.'

Gabriel, can't you hear me
Hear me call in the night
Gabriel, never leave me
Just stay here by my side

Zijn engel waakt over hem. De zanger sluit zijn ogen aan het einde van de dag en ligt in de armen van zijn engel.

My angel watches over me
And keeps me from all harm
I close my eyes at the end of the day
And lie in my angel’s arms

Zijn engel kent de donkerste plekken in zijn ziel, maar houdt van hem als hij dat zelf niet kan. Hij vertelt wat hem verteld moet worden.

My angel knows the darkest places
Deep down in my soul
And loves me when I can’t myself
And tells what I need to be told


De song eindigt met een wens. 'Als ik mijn weg kwijtraak of een misstap maak, zeg dan dat het goed komt met mij.'

If I lose my way or step out of line
Let me hear you say, I'll be fine
My angel, my angel


Die laatste woorden, 'Mijn engel, mijn engel', zijn er niet zomaar.
Nee, ze zeggen dat de engel nabij is. En daarmee keert het lied terug naar de beginregels en is het rond: 'Verlaat me nooit, blijf bij mij.'

maandag 9 april 2012

In het voorbijgaan

Dit gele licht is niet genoeg
om licht te brengen in de nacht.
De straat laat elke klank weerkaatsen:
geluid dat ik nu heel goed ken.
De stad bezat mijn jonge jaren,
nu heerst vooral de stilte nog
en denk ik aan de weinigen
die ’t leven ooit ten volle leefden.

Dit gele licht leidt mij naar huis,
over de straat, rivier van steen.
Mis jij vannacht ook oude vrienden?
Dan ben je niet alleen.



'In het voorbijgaan' is mijn vrije vertaling van de song 'In Passing' (Adrian Borland, 1957-1999).